Opdracht:

 

Keuze tussen:

Het ontwerpen en maken van een versierde hand of enkel.

Het ontwerpen en maken van een tatoeage in geschikte kleuren.

 

 

Binnen de opdracht de versierde mens kun je kiezen uit het ontwerpen en uitvoeren van een Hennapatroon of het ontwerpen en uitvoeren van een tatoeage.

 

Henna:

-          Maak een tekening van je hand op een A4 papier met een hb potlood, gebruik hiervoor je platte hand en de bovenkant.

-          Een van de mogelijkheden is om je hand op het papier te leggen en deze over te trekken. Doe dit 4 keer.

-          Maak nu op alle vier de handen een ander ontwerp met potlood. Het moet een patroon worden en de vorm van de hand volgen.

-          Als je ze alle vier gemaakt hebt kies je de twee mooiste uit en deze ga je op een nieuw vel maken in kleur.

-          Kies de kleur die het dichts bij Henna ligt.

-          Gebruik kleurpotloden om de patronen te kleuren.

-          Werk netjes en secuur.

      Criteria :          bijzonder patroon

                             4 ontwerpen

                              Wit papier met twee definitieve handen

                             

 

Tatoeage:

-          Kies allereerst een plaats uit van je lichaam waar je de tatoeage voor ontwerpt.

-          Teken dan het onderdeel van het lichaam op een vel papier.

-          Trek deze tekening 4 keer over op een vel papier.

-          Ontwerp nu een tatoeage die bij dat lichaamsdeel past. Kijk goed naar de voorbeelden.

-          Doe dit met een hb potlood op alle vier de papieren.

-          Kies hierna het beste ontwerp uit en ga dit in het net maken.

-          Kleur in met kleurpotlood

 

Voorbeelden

 

 

 

 

 

Waar moet je op letten:
                        voldoende verschillende ontwerpen en schetsen gemaakt.    

                       goed kleurgebruik                      

                        handen of andere lichaamsdelen goed nagetekend

                        het papier goed gebruikt

                        netjes gewerkt

 

 

Beoordeling: beantwoord de volgende vragen:

·         Wat was de opdracht?

·         Welke materialen en gereedschappen heb jij gebruikt?

·         Hoe heb je die gebruikt?

·         Wat heb je geleerd van deze opdracht?

·         Geef jezelf een cijfer.